Halte 1 van 6
Onderwerp, hoofdgedachte en hoofdpunten
Drie woorden die op elkaar lijken en die je uit elkaar moet houden. Het onderwerp van een tekst zeg je in enkele woorden: waar gaat hij over? De hoofdgedachte zeg je in een hele zin: wat zegt de tekst daarover? En de hoofdpunten zijn de elementen die de hoofdgedachte ondersteunen.
| Hoe lang | Voorbeeld | |
|---|---|---|
| onderwerp | enkele woorden | de nestplaatsen van gierzwaluwen |
| hoofdgedachte | een hele zin | Gierzwaluwen verliezen hun nestplaatsen, en steden doen daar iets aan. |
| hoofdpunten | de zinnen eronder | They nest under roof tiles and in wall cavities. |
Krijg je een vraag over de hoofdgedachte, antwoord dan nooit met een los woord. Een los woord is het onderwerp. De hoofdgedachte is een zin.
Snap je de hoofdgedachte van een tekst niet, lees dan eerst de titel en de eerste en laatste zin opnieuw. Daar staat ze in negen van de tien teksten, in andere woorden.