Halte 1 van 5
Het wereldgradennet
Om een plaats op aarde aan te wijzen, is er een net van lijnen over de aardbol gelegd. De meridianen lopen van de noordpool naar de zuidpool. Ze komen in beide polen samen, dus ze lopen niet evenwijdig. Ze geven de lengte aan.
De breedtecirkels lopen wél evenwijdig, rond de aardbol, en worden korter naarmate je dichter bij een pool komt. De langste is de evenaar, de breedtecirkel van 0°. Die verdeelt de aarde in een noordelijk en een zuidelijk halfrond.
Vier breedtecirkels hebben een eigen naam. De Kreeftskeerkring ligt op 23,5° noorderbreedte, de Steenbokskeerkring op 23,5° zuiderbreedte. De twee poolcirkels liggen op 66,5° noorder- en zuiderbreedte. Op 90° lig je op de pool zelf.
De meridiaan van 0° heet de nulmeridiaan. Die loopt door Greenwich, bij Londen. Alles ten oosten ervan krijgt oosterlengte, alles ten westen ervan westerlengte. Tegenover de nulmeridiaan, ruwweg op de 180ste meridiaan door de Stille Oceaan, ligt de datumlijn. Die maakt bochten om eilandengroepen en landen niet in twee data te splitsen.
💡 Weetje
Alle plaatsen op dezelfde meridiaan hebben tegelijk dezelfde zonnetijd: daar staat de zon op hetzelfde moment het hoogst. Daarom is de lengte de basis van de tijdzones, ook al volgen de officiële zones landsgrenzen in plaats van rechte lijnen.